Elke gemeente heeft een rekenkamer of rekenkamercommissie. Dat moet van de wet. De Haarlemmermeer heeft een rekenkamercommissie. Deze onderzoekt de doeltreffendheid (worden de doelen bereikt), doelmatigheid (wordt er schaars met geld omgegaan) en rechtmatigheid (gaat het volgens de regels) van beleid.
Onze rekenkamercommissie is, net als andere gemeentelijke rekenkamers en rekenkamercommissies, onafhankelijk. De commissie beslist zelf welke onderwerpen worden onderzocht en ook hoe het onderzoek wordt vormgegeven. Verder formuleert de commissie zelf de conclusies en welke aanbevelingen zij wil doen om het beleid te verbeteren.
In onze rekenkamercommissie zitten geen raadsleden. Dat is een keuze, want er zijn veel gemeenten die een zogenaamde gemengde commissie hebben, dat wil zeggen dat er één of een aantal onafhankelijke voorzitters zijn die samen met een aantal raadsleden de commissie bezetten.
Een gemengde commissie heeft in theorie als voordeel dat de afstand tot de raad minimaal is; er zitten immers raadsleden in de commissie. Daardoor is de kans klein dat er zaken worden onderzocht waar de gemeenteraad niet op zit te wachten en aanbevelingen worden geformuleerd waar de raad geen raad mee weet.
Met de nabijheid, eveneens in theorie, kopen gemengde commissies het nadeel van politieke afhankelijkheid. Omdat politici in de commissie zitten kan het werk van de commissie een partijpolitieke inzet krijgen en ook als dat feitelijk niet het geval is, kan het moeilijk zijn om de schijn van partijpolitieke belangen weg te nemen. Het is in elk geval makkelijker om deze schijn weg te nemen als er geen politici in de commissie zitten.
Onze rekenkamercommissie begon in 2004 als een gemengde commissie maar in 2006 werd al besloten om de commissie alleen nog met externe leden te bemensen. De aanleiding was een onderzoeksrapport over budgetoverschrijdingen bij de bouw van de Calatravabruggen en vooral de politieke commotie die daarop volgde. Er werden moties van afkeuring en wantrouwen ingediend, onder meer door de HAP. Beide moties werden met grote meerderheid verworpen maar desondanks trad de wethouder Verkeer en Vervoer af. Dit alles vond drie weken voor de gemeenteraadsverkiezingen plaats.
Voor veel partijen was deze afwikkeling aanleiding om de rekenkamercommissie op grote afstand van de politiek te plaatsen en deze nog alleen uit externe leden te laten bestaan.
In 2009 liet de rekenkamercommissie zichzelf evalueren door twee onafhankelijke onderzoekers. Zij kwamen tot de conclusie dat de afstand van de commissie tot de raad te groot was. Wat plat gezegd werd de commissie verweten op zich kwalitatief goede onderzoeken over de schutting te gooien om vervolgens te gaan mokken dat er te niets mee gebeurde. Andersom concludeerden de onderzoekers dat veel gemeenteraadsleden cynisch waren over het nut van de commissie en op voorhand het werk als een zinloze ballast ervoeren en de commissie niet zagen als een welkome ondersteuning voor de controlerende taak van de raad, wat wel de bedoeling van een rekenkamercommissie is.
Kennelijk was de opzet van 2006, om de rekenkamercommissie op grote afstand van de raad te zetten, te zeer geslaagd.
Reacties (4)
Jammer genoeg had Mieke al voor het debat aangegeven te zullen vertrekken. HAP heeft juist geprobeert om dit te voorkomen. Zowel voor als tijdens het debat.
Jouw suggestie dat HAP met het rapport van de rekenkamercommissie in de hand partijpolitiek heeft bedreven, is dan ook volkomen onterecht. HAP is juist altijd de partij geweest die de onafhankelijkheid van de rekenkamer heeft gerespecteerd en heeft tot het laatst verdedigt dat de rekenkamercommissie haar autonomiteit behoud. Misschien is het verstandig om in dit verband de rol van de VVD eens beter te onderzoeken ipv aan geschiedsvervalsing te doen.
Met vriendelijke groet,
Jouw HAP-collega
Peter van Groenigen
Als je goed leest schrijf ik dat onder meer de HAP een motie van wantrouwen heeft ingediend, punt. Jullie hebben toch een motie ingediend en die is toch met grote meerderheid verworpen? Van geschiedvervalsing is dus geen sprake. Ik zou ook nooit durven.
En je gaat me toch niet vertellen dat de HAP in het debat geen gebruik van het rekenkamercommissierapport heeft gemaakt. Dat zou namelijk werkelijk geschiedvervalsing zijn.
Uiteraard met collegiale groet al ben ik dan geen HAP-collega,
Derk
En wij hebben uiteraard het rekenkamer rapport goed gelezen. En de inhoud ervan betrokken bij onze politieke meningsvorming. Maar in het debat alleen ingezet op leren van wat er gebeurd is en niet op Barbertje moet hangen. Wij hebben de motie van wantrouwen pas ingediend toen bleek dat Mieke Blankers alleen opdraaide voor hetgeen er gebeurd was. Toen bleek dat er van collegiale verantwoordelijkheid weinig sprake was. De motie had dus niets te maken met de inhoud van het rapport. Dan moet je dat er ook niet bij betrekken, of je beter op de hoogte stellen van wat er gebeurd is. Zolang je dat niet doet, maar dit wel zo opschrijft doe je aan geschiedsvervalsing.
Overigens hebben Marjolein Steffens en ik 's morgens nog een bezoek gebracht aan Mieke, toen we hoorden dat ze haar portefeuille wilde neerleggen. Juist om te proberen dat nog te voorkomen.
Een interessantere vraag is wie er destijds lekte uit de rekenkamercommisie. Voor alle duidelijkheid, HAP was daar niet in vertegenwoordigd.
Ik beschuldig de HAP er niet van misbruik gemaakt te hebben van rekenkamercommissierapporten. Ik heb de gang van zaken rond de Calatravabruggen gebruikt als voorbeeld om te laten zien dat de rekenkamercommissierapporten in een politieke arena terecht komen alwaar zij doorwerken in partijpolitieke verhoudingen. Dat is onvermijdelijk.
Dat jullie motie niets met het rapport van doen had, bestrijd ik. Mede door het rapport dat de wethouder af, hetgeen aanleiding was voor de motie.
En tot slot ben ik het met je eens dat degene die heeft gelekt, degene is geweest die het werk van de rekenkamercommissie het meest politiek heeft gebruikt.