Nieuwsbrief



Consultatiebureau

Onlangs werd een afvaardiging van alle fracties uit de gemeenteraad uitgenodigd voor een gesprek met de Rekenkamercommissie, in verband met het onderzoek dat deze commissie uitvoert naar de effecten van het jeugdbeleid in de gemeente.

Het vernieuwde jeugdbeleid is ingevoerd in de vorige raadsperiode en de vruchten hiervan zouden nu wel zo’n beetje moeten kunnen worden geplukt. Een belangrijk speerpunt in dat nieuwe beleid is de zogenaamde “vroegsignalering” die kortweg inhoudt dat problemen tijdig worden gesignaleerd, waardoor erger kan worden voorkomen. Klinkt goed en logisch, voorkomen is beter dan genezen, daar zijn vriend en vijand het over eens.

 Door de afgevaardigden van de fracties werd algemeen geklaagd dat men niet goed op de hoogte is gehouden van de resultaten van de invoering van het nieuwe jeugdbeleid. En nu weet men dus niet wat men ervan moet vinden. En deed de vraag naar een door de gemeente in te stellen onderzoek zich voor. Een onderzoek naar aanleiding van onderzoek, daar worden wij van de VVD altijd een beetje kriegel van. Laten we eerst maar eens kijken hoe nodig dat is, denken we dan.

 Laten we eens een voorbeeld van een jeugdvoorziening nemen.

Hoewel de meeste geboortes in de maand september schijnen plaats te vinden, regent het ook in het voorjaar vaak geboortekaartjes. Altijd leuk om op kraambezoek te gaan en handig om van deze gelegenheid gebruik te maken om de kersverse ouders te bevragen over hun ervaringen met het instituut voor vroegsignalering bij uitstek: het consultatiebureau.

 Wat blijkt uit deze beperkte steekproef is dat de jonge ouders precies dezelfde mening zijn toegedaan als hun lotgenoten in andere gemeenten in ons land: prima die check op de gezonde ontwikkeling van het kind, maar we kunnen ook zelf nadenken en we voelen er niets voor om ons als bij voorbaat onbetrouwbaar en incompetent te laten behandelen. Het is evident dat een betuttelende benadering niet past bij de levensstijl van moderne ouders, daarvoor hoeft in ieder geval geen grootscheeps onderzoek te worden verricht.

 De adviezen die door het consultatiebureau worden uitgebracht wisselen volgens de ouders van baby’s en peuters nogal eens. Daardoor is de term “consternatiebureau” inmiddels in zwang geraakt. Of je bij huilgedrag nu wel of niet troostend moet optreden: per tijdsgewricht wisselen de meningen hierover. De adviezen van oma, die haar kinderen grootbracht zonder babycoach en lactatiekundige, blijken dan ook vaak contrair aan die van het consultatiebureau. Ouders in verwarring en oma beledigd.

 Is er aanleiding te veronderstellen dat het consultatiebureau niet voldoet aan haar primaire taak van vroegtijdig signaleren? Wat ons betreft kunnen we er een fles wijn op zetten dat er in de wijde omtrek nauwelijks een jonge ouder te vinden is die niet met kind onder de arm het consultatiebureau bezoekt. Is dat wat wordt gesignaleerd relevant? Dat kan worden opgemaakt uit de registratie van het consultatiebureau zelf en uit de doorverwijzingen die plaatsvinden en of daaruit noodzaak tot behandeling volgt. Die gegevens kan het consultatiebureau naar verwachting zo aanleveren, want de samenwerking met andere instanties is immers door middel van de zogenaamde “netwerkbenadering” met de invoering van het nieuwe jeugdbeleid gewaarborgd.

 Wat voor het consultatiebureau geldt, geldt ook voor onze andere jeugdvoorzieningen. Uit de eigen registratie en die van de samenwerkingspartners moet vrij eenvoudig een beeld kunnen worden gedestilleerd van nut en noodzaak van de voorzieningen. Een adequaat verantwoordingssysteem geeft inzicht en maakt een eindeloze herhaling van onderzoeken overbodig. Dus gemeente: pak de regierol zoals afgesproken en wijs de instellingen op hun verantwoordelijkheid ten aanzien van rapportage!  

Monique Hallegraeff

Reageren

* - verplichte velden

Peiling

Waarom ben ik lid/zou ik lid worden van de VVD?