Het is altijd boeiend om de politiek te volgen als een land in een crisis verkeert. Nederland vormt daarop geen uitzondering. We zitten in economisch zwaar weer en politiek gezien is het electoraat zo verdeeld dat regeren een uitdaging op zich is.
Nadat de PVV de stekker uit de gedoogregering had getrokken ontstond er kortstondig een vacuüm waarin alles onmogelijk leek maar ook alles mogelijk was. En zie, in een recordtempo werd er een akkoord op hoofdlijnen bereikt en wel tussen partijen die, vanuit hun politieke invalshoek het meer niet dan wel met elkaar eens zijn. Het onmogelijke werd mogelijk.
Als u mij als VVD-er vraagt of ik hier gelukkig mee ben dan is het antwoord ronduit nee. Over het algemeen ben ik van mening dat het Kunduzakkoord veel te eenvoudig met belastingverhogingen is omgesprongen en dat er te weinig is gezocht in bezuinigingen op de uitgave en het zoeken naar een efficiëntere overheid. Een begrotingstekort van 3% resulteert nog steeds in een jaarlijks toenemende schuld van ongeveer € 18 miljoen per jaar. Nederland leeft dus nog steeds op veel te grote voet.
Nee zeggen is echter heel eenvoudig en daarmee los je geen problemen op. Juist omdat het eerder genoemde vacuüm er voor zorgde dat D66, GroenLinks, de CU, het CDA en de VVD de koppen bij elkaar staken en een akkoord bereikten waarbij alle partijen over hun eigen partijgrenzen zijn gestapt getuigd van durf. In een crisissituatie gaat het er niet om wat je niet wilt of niet bereikt maar juist wat belangrijk is voor Nederland. Dan spelen partij idealen een ondergeschikte rol. Nu even niet dus.
Er is nog een andere belangrijke les. In een crisissituatie moet alles bespreekbaar zijn, hoe pijnlijk een ingreep ook is. Ik zal de uitkomst van het akkoord accepteren ondanks de eerder genoemde kritiek niet omdat ik het leuk vind maar omdat het noodzakelijk is. In een crisissituatie heb ik meer vertrouwen in de politiek die beslissingen neemt en durf toont dan de politiek die loopt te dralen en geen beslissingen neemt. Voor nu weten we waar we aan toe zijn en dat geeft duidelijkheid.
In september gaan we weer naar de stembus en mogen we opnieuw onze stem uitbrengen. Om de ingezette lijn van het Kunduzakkoord voort te zetten hoop ik dat het VVD verkiezingsprogramma zich meer richt op de dingen die noodzakelijk zijn om deze crisis te overwinnen. Als de VVD straks opnieuw een rol wil spelen in een mogelijke regering dan ontkomen ook wij er niet aan om iets naar het midden op te schuiven. Niet omdat het leuk is maar omdat het moet. De wil om samen te werken heeft in die zin een prijskaartje en dat is de pijn die politieke partijen moeten accepteren.
Ik ben heel benieuwd wanneer in september de kruitdampen van de verkiezingsstrijd zijn opgetrokken en duidelijk is hoe de stemmen verdeeld zijn of de wil om samen te werken dan net zo groot is als tijdens het Kunduzakkoord. Een crisis overwin je niet met één akkoord; er is nog een lange weg te gaan; de eerste stap echter is gezet en dat stemt mij hoopvol.
R. Koster